Wat is er aan de hand

Van alle chemische bestrijdingsmiddelen in de wereld wordt 10% op katoenvelden verspreid. Een fractie van die bestrijdingsmiddelen komt op de juiste plek. De rest verdwijnt in het drinkwater en het milieu.

Chemische bestrijdingsmiddelen doden insecten maar veroorzaken ook ziektes als kanker. Ze zijn duur, terwijl de prijs van katoen op de wereldmarkt de afgelopen jaren laag is geweest. Dat komt o.a. omdat westerse katoenboeren door de overheid gesubsidieerd worden.

Schuldenslavernij

Katoenboeren in Zuid-Amerika, Afrika en Azië moeten geld lenen om dure bestrijdingsmiddelen en kunstmest te kopen. Hun verouderde landbouwtechnieken put de grond uit. Daardoor worden oogsten en opbrengsten jaarlijks minder. Veel boeren komen zo in een situatie van schuldenslavernij terecht.

Soms komt het zover dat boeren geen zaaigoed, kunstmest of bestrijdingsmiddelen meer kunnen kopen, hun schulden niet meer kunnen afbetalen, geen uitweg meer zien en zelfmoord plegen door de bestrijdingsmiddelen op te drinken die hun gewassen moesten beschermen.

Ververijen

Van de velden naar de verwerking. Katoen wordt garen en garen wordt doek. Voor het verven van doek is veel energie en warm water nodig. In Zuid-India verdwijnen dagelijks stapels hout ter grootte van voetbalvelden in de boilers. Het verven gebeurt met (chemische) kleur- en hulpstoffen, die na gebruik, soms zonder filtering in het oppervlaktewater verdwijnen. 

Naaiateliers

Na het verven gaat  het katoenen doek naar naaiateliers waar de stoffen tot kleren worden gemaakt. Lange dagen, beroerde arbeidsomstandigheden en slechte lonen komen veel voor. Onder andere in China waar circa 25% van onze kleding gemaakt wordt.

© Solidaridad 2008 | Colofon | Gebruiksvoorwaarden Giro: 1804444CBF-keurmerkANBI-statusISO-gecertificeerdBeneficiënt van de Nationale Postcodeloterij