Hoop gesteld op beroepsprocedure

1 april 2010
Suikerrietboeren in India

Het stof is wat neergedaald na de onheilstijding van de 31ste maart. Het ministerie van buitenlandse zaken liet Solidaridad toen weten dat 'de aanvraag voor fase 1 is afgewezen en er geen uitgebreid programmavoorstel ingediend kan worden'. De kans op voortgezette medefinanciering van het 'duurzame economie'-programma leek daarmee verkeken.

Op dit moment ontvangt Solidaridad een overheidsbijdrage van vijf miljoen per jaar en heeft een verhoogde bijdrage van € 9.5 miljoen per jaar  aangevraagd. Erik de Wit, hoofd communicatie, vraagt directeur Nico Roozen naar zijn visie op de ontstane situatie.

Had Solidaridad geen rekening gehouden met de mogelijkheid van een afwijzing?

De dreun is hard aangekomen; ik moet vaststellen dat ik dit eigenlijk niet voor mogelijk had gehouden. Ik was verbijsterd. We hadden hard gewerkt aan een vernieuwende en goed onderbouwde aanvraag in een spannende alliantie met het WNF. Solidaridad heeft inmiddels acht jaar een medefinancieringbijdrage van de overheid. Eerst voor een periode van vier jaar onder het Thematisch Medefinancieringsprogramma. Die periode is positief geëvalueerd en de financiering is voortgezet voor een nieuwe periode van vier jaar onder MFS I. Solidaridad had toen de hoogste score van alle ingediende aanvragen; 88 punten uit honderd. De jaarbijdrage werd nagenoeg verdubbeld. Sindsdien heeft onze aanpak vleugeltjes gekregen. Duurzame ketenontwikkeling is in het veld van ontwikkelingssamenwerking de grote vernieuwing van de afgelopen jaren. Als relatief kleine organisatie is Solidaridad een wereldspeler geworden in de ronde tafels voor verduurzaming van sectoren als palmolie, soja, suiker en katoen en heeft de samenwerking met bedrijven in het kader van het maatschappelijk verantwoord ondernemen een vlucht genomen. Bij het ministerie bestaat grote waardering voor onze innoverende aanpak, voortgangsrapportages zijn goed beoordeeld en de impact van het programma wordt steeds duidelijker. Niets wees op terughoudendheid.

Wat was je eerste reactie?

Het bericht bereikte ons via een journalist die navraag deed naar onze reactie. In de ochtend hadden we een e-mail van het ministerie met onze afwijzing gemist. Snel de website van het ministerie gecheckt en daar staat inderdaad een lijst met organisaties die 'door waren'. Daar kwamen we niet op voor. De mail van het ministerie was een afwijzingsbrief, maar nog steeds zonder onderbouwing. De scoretabel kwam pas de volgende dag per post. Dat betekent dat je vleugellam bent. Journalisten willen een reactie, maar je kunt je reactie nergens op baseren. Pauw & Witteman belde, maar wat moest je. Iedere reactie zou een slag in de lucht zijn. Medewerkers willen geïnformeerd worden, leden van de Raad van Toezicht gaan bellen; het bericht bereikt al snel partners in het Zuiden. Maar je staat met lege handen omdat een gefundeerde reactie nog onmogelijk is. Onze vaste relatiebeheerder bij het ministerie mocht niets zeggen; dat deed hij dan ook niet, maar je voelde de pijn. Ik vond dit geheel een beschamende gang van zaken.

Maar nu is alle informatie beschikbaar; wat was de score van Solidaridad?

De score van Solidaridad is 72 punten uit 100. Dat is een ruime voldoende zou je zeggen; maar zo werkt het niet. Het aanvraagstramien kent vier hoofdstukken en voor elk hoofdstuk moet de score voldoende zijn. Allereerst de drempelcriteria. Solidaridad - en haar alliantiepartner WNF - hebben ruimschoots de drempelcriteria gehaald. Dan komt de organisatietoets. Positief beoordeeld met 46 uit 60 punten. Vervolgens de alliantietoets; positief beoordeeld met 11 uit 15 punten. Maar dan gaat het fout. De minimaal vereiste score voor het beknopte (en voorlopige) programmavoorstel moet 18 zijn, maar Solidaridad /WNF blijven steken op 15 punten uit 25. De beoordeling van het programma viel dus negatief uit en daarmee volgt er een afwijzing.

Wat is er te zeggen over deze te lage score?

Interessant is om vast te stellen dat een aanvraag van een organisatie die - in de beoordeling van het ministerie - goed scoort op zijn organisatorische capaciteit om een programma doelmatig uit te voeren, en die opereert in een alliantie met een gerenommeerde organisatie als het WNF, met een vergelijkbare hoogwaardige uitvoeringscapaciteit en een netwerk van partnerorganisaties en waarvan het programma volledig aansluit bij de beleidsintensiveringen van het ministerie, qua inhoud en geografisch bereik, toch nog kan afvallen. Solidaridad scoort bovendien voldoende tot goed op de inhoud van het programmavoorstel: op kernkwesties als de logica van het voorstel, de haalbaarheid daarvan en de samenwerking met bedrijven en kennisinstellingen. De beoordelingssystematiek laat dan veel te wensen over, lijkt me.

Voor een grondige analyse zijn een drietal vragen relevant. Heeft Solidaridad op alle punten de goede informatie aangeleverd, is de beoordeling (technisch) zorgvuldig geweest, en is deze met kennis van zaken over het werkveld en de indiener uitgevoerd?

De eerste vraag is een zelfkritische vraag. Met de kennis van nu - zoals dit tegenwoordig heet - zou ik zeggen dat het beter had gekund. We hebben nu een beter inzicht in hoe de puntentoewijzing tot stand komt en wat er nodig is om telkens op ieder onderwerp volledig te scoren. We laten nogal wat punten liggen, niet omdat de praktijk niet voldoet, maar omdat de informatie niet altijd geleverd is, of niet op de goede plaats staat, niet opnieuw herhaald wordt onder een ander hoofdstuk of omdat de 'codewoorden' niet altijd in voldoende mate gebruikt zijn. Er wordt getoetst op een 'papieren werkelijkheid'; en alles moet dus op papier staan. Je moet voorkomen dat het papier beter is dan de realiteit - dit is een reëel gevaar, als je ziet hoeveel externe expertise van consultants er wordt ingehuurd voor het schrijven van de aanvragen van collega-organisaties - ; maar anderzijds helpt het ook niet als de realiteit beter is dan datgene dat op papier is gesteld Maar het aantal gevallen waarin we dit gebrek op zelfkritische wijze moeten vaststellen, zou de toewijzing niet in de gevarenzone hebben gebracht.

Maar als we de procedure nemen zoals die was?

Dan komt het tweede aspect aan de orde, van de technische zorgvuldigheid. Minimaal op een zestal onderwerpen is er in onze analyse sprake van een onvolledig gebruik of een onjuiste interpretatie van de aangeleverde informatie. Dit leidt ten onrechte tot een aftrek van in totaal 11 punten. Een voorbeeld van het onvolledig gebruik van informatie is het oordeel van een 'ontoereikende neerwaartse verantwoording' onder de bewering dat er slechts sprake zou zijn van de publicatie van een jaarverslag. Uit datzelfde jaarverslag blijkt dat er een breed scala van activiteiten ontplooid wordt gericht op communicatie en verantwoording naar donoren, donateurs en de achterban in kerk en samenleving. Deze informatie was beschikbaar gesteld, maar er is geen gebruik van gemaakt. Er is bijvoorbeeld ook sprake van een onjuiste interpretatie op onderwerpen als het consultatieproces van Zuidelijke partners en de scheiding van toezicht en uitvoering. 

Tenslotte stelt zich de vraag of de beoordeling heeft plaats gevonden met voldoende kennis van het werkveld en de indieners. De zes punten die niet toegekend zijn op onderwerpen als de 'strategische meerwaarde van de alliantie' en 'de consistentie van de strategische keuzes' doen vermoeden dat hiervan in onvoldoende mate sprake is. We zullen dus proberen hier meer toelichting te verschaffen. Ik vermoed dat dit niet nodig was geweest als de deskundigheid was benut die er elders op het ministerie hierover bestaat. Hier wreekt zich de gevolgde procedure. De relatiebeheerder van Solidaridad op de afdeling op het ministerie waar expertise bestaat op het terrein van onze aanvraag - duurzame ketenontwikkeling en het beprijzen van ecosysteemdiensten en ecologische waarden (DDE) -,  is niet betrokken geweest bij de beoordeling. Hierdoor zou veel kennis en context aangeboord zijn. Er is een merkwaardig proces gaande. De deskundigheid en de kennis van partners waarover ambtenaren beschikken wordt gediskwalificeerd of in ieder geval buiten het beoordelingsproces gehouden, vanuit de opvatting dat deze kennis een onafhankelijk oordeel in de weg zou staan. Ik vind dit een riskante opvatting; formalisme en een bureaucratische benadering krijgen dan de overhand en strategisch denken verliest terrein.

Is hiermee aangegeven dat de beroepsprocedure van Solidaridad ook een groter belang heeft, dat de organisatie overstijgt ?

Zo moet ik het, in alle bescheidenheid overigens, nadrukkelijk stellen. Als je kijkt naar het totale beeld van de twintig geselecteerde organisaties, dan zie je op duurzame economische ontwikkeling en ecologische innovatie een mager beeld. De aanvragen van IUCN en van de Fair Trade-alliantie - waar o.a. het duurzame economieprogramma van ICCO grotendeels in ondergebracht is -  zijn ook afgewezen. De aanvraag van Solidaridad en het Wereldnatuurfonds biedt een unieke integratie van sociale en ecologische ontwikkeling. Vooralsnog afgewezen. Een traditioneel beeld met een stevig accent op gezondheidszorg en zorg voor kinderen doemt op. Het werk van deze organisaties is natuurlijk ook belangrijk en ik gun ze het allerbeste. Maar dit kan niet het totale beeld zijn van een innoverend particulier kanaal binnen het beleid van het ministerie van ontwikkelingssamenwerking. Juist door dit vernieuwende overheidsbeleid is Solidaridad de laatste jaren sterk gestimuleerd. Het Medefinancieringsstelsel is de kurk waarop wij drijven bij het ontwerpen van strategieën die nieuw terrein ontginnen in de armoedebestrijding, in nauwe aansluiting op het overheidsbeleid. Deze financiering heeft een aantoonbaar en omvangrijk resultaat. Wij rapporteren daar nauwgezet over. Zij heeft bovendien een vermenigvuldigingseffect in de vorm van de additionele steun, met name bij het bedrijfsleven, die wij op deze basis ook elders verwerven bij de noodzakelijke uitwerking van onze strategieën. Ook dit belangrijke aspect is in de beoordeling tot nu toe niet meegenomen.

Ik hoop dat de beroepsprocedure hierin verandering gaat brengen. Daar is veel mee gediend.

EdW

© Solidaridad 2008 | Colofon | Gebruiksvoorwaarden | International website: www.solidaridadnetwork.orgGiro: 1804444CBF-keurmerkANBI-statusISO-gecertificeerdBeneficiënt van de Nationale Postcodeloterij