Van hulp naar handel naar investeringen

22 maart 2018

In 1988 introduceerde Solidaridad de eerste gecertificeerde eerlijke koffie in de Nederlandse supermarkt. Een officieel moment, waarbij Prins Claus samen met professor Jan Tinbergen het eerste pak eerlijke koffie in ontvangst nam. Het begin van Max Havelaar en de fairtrade beweging, ook internationaal gezien. Sindsdien is er een hoop gebeurd als het gaat om fair trade, duurzame productieketens, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking. We staan nu aan de vooravond van een nieuwe beleidsagenda van minister Kaag.

Klik hier voor onze bijdrage aan de maatschappelijke consultatie voor de nieuwe Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (BHOS) agenda.

Jos Brink, Prins Claus en professor Jan Tinbergen nemen het eerste pak eerlijke koffie in ontvangst

Duurzame productie vraagt om verandering daar én hier

Ook Solidaridad is zich blijven ontwikkelen. Ooit stonden we aan de wieg van Max Havelaar, Utz Certified, Oké bananen en Kuyichi jeans. Nu is Solidaridad een wereldwijd netwerk met regiokantoren in onder andere Azië, Afrika en Latijns-Amerika en een directie die vanuit Utrecht werkt aan een mondiaal gecoördineerde aanpak. We kijken verder dan certificering en zoeken naar innovatieve manieren om snel, veel verandering met impact tot stand te brengen. Wat nooit veranderd is: we werken nog steeds wereldwijd aan het duurzamer maken van productieketens van bijvoorbeeld koffie, cacao, palmolie, goud en textiel. Dat doen we altijd met de boeren en arbeiders daar, maar ook met de bedrijven en consumenten hier. Alleen zo kunnen we het systeem echt verduurzamen.

Nederlands beleid voorop in van hulp naar handel

Solidaridad werkt sinds begin deze eeuw samen met de Nederlandse overheid en doet dat wereldwijd. De Nederlandse overheid is voorloper met haar beleid: meerdere kabinetten van verschillende signatuur hebben in de afgelopen jaren bijgedragen aan een geleidelijke transformatie van meer traditionele hulprelaties naar een nieuwe en ambitieuze agenda die bekend staat als ‘van hulp naar handel’. Het ontwikkelen van een private sector in ontwikkelende economieën en de verbinding met internationale markten zijn cruciaal geworden als het gaat om groei en ontwikkeling. Samenwerking met het bedrijfsleven werd belangrijker en in het bedrijfsleven is maatschappelijk verantwoord ondernemen en ketenverantwoordelijkheid steeds vaker de norm. ‘Van hulp naar handel’ heeft veel goeds gebracht, maar het is ook tijd om lessen te trekken en die agenda uit te bouwen. De tijd dringt. Klimaatverandering en migratie maken duurzame en inclusieve economische samenwerking alleen maar urgenter. Ondanks de vooruitgang is er nog steeds sprake van een falend systeem. De schaal is te klein en de snelheid van verandering te laag.

Investeren om sneller op te schalen

Er is veel debat over de effectiviteit van certificering en niet ten onrechte. Maar het is beter om oude schoenen niet te vroeg weg te doen en eerst te kijken hoe we bijvoorbeeld digitale technologie kunnen gebruiken om vooruitgang te boeken. Daarmee krijgen boeren via een mobiel of tablet toegang tot kennis en ervaringen van andere boeren over hun dagelijkse werkzaamheden en bedrijfsresultaten. Zo kunnen we methoden die werken snel op grote schaal uitrollen. Maar het helpt ook om overheidsbeleid aan te scherpen. Last but not least kan het verzamelen van data helpen om de businesscase te ontwikkelen. Daarmee kunnen we investeerders aan boord brengen om succesvolle projecten op te schalen. En de schaal en snelheid bereiken die nodig is om de gevolgen van klimaatverandering tegen te gaan. Zo ontwikkelt ons werk zich van hulp naar handel naar investeringen.